IJscoman

Vooral bij Warm weer is ijs nog steeds het favoriete dessert. Sinds de introductie van de koelkast met diepvriesvak heeft dit toetje aan exclusiviteit verloren. Zelfs bij dertig graden in de schaduw kan iedereen voor een paar dubbeltjes een heerlijk portie ijs kopen de beruchte kiezer van het rijk, moest daar veel meer moeite voor doen. Hij liet sneeuw halen van de berm en mengde dat met honing, sap en fruit, Het geheim om melk tot ijs om te toveren bleef in Europa onbekend, tot dat Marco Polo het recept in de dertiende eeuw meebracht van zijn beroemde reis naar China. De Italianen, vooral de Venetianen, hebben daarna een enorme variëteit van de lekkerste ijssoorten ontwikkeld. Weliswaar schijnen de Engelsen al op het koningsfeest van Hendrik V in 1413 roomijs gegeten te hebben, maar de Italianen zijn toch de onbetwiste meesters op het ijsgebied gebleven. De koks die het geluk hadden, ingewijd te zijn in het geheim van de ijsbereiding, hebben lang geprobeerd het recépt voor zich te houden. Het grensde ook aan tovenarij: een bevroren gerecht op de warmste zomerdag!

Elke goede goocheltruc vergt een lange voorbereiding, dat gold zeker voor ijs. In de winter werd het uit de vijver gekapt of gezaagd en opgeborgen in een uitstekend geïsoleerde ijskelder. In de zomer kon de kok met het bewaarde ijs plus allerlei ingrediënten zijn kunsten vertonen. Het spreekt vanzelf dat de gewone man/vrouw van de lekkernij verstoken bleef. Tot in de negentiende eeuw was de ijsco een heel duur gerecht, toen kwam de fabrieksmatige ijsbereiding op gang. De uitvinding van de stoommachine en later de elektriciteit heeft voor een doorbraak gezorgd. De eerste ijscoventers verschenen. IJsco was overigens oorspronkeijk de NAAM van een merk dat later een algemeen begrip is geworden (zoals ooit kwatta voor chocolade en tegenwoordig aspirine voor pijnstillers) Aanvankelijk verkocht de ijscoman de koude zoetigheid in een papieren of ijzeren hoorn of tussen wafels.

Pas in 1904 -zo beweerd men - kwam een Amerikaanse op het slimme idee om een wafel tot hoorntje te rollen en daarop de ijsbolletjes te drukken. Het beroemdste ijsje is de sorbet met roomijs» slagroom en nog veel meer. De naam schijnt oorspronkelijk uit het Arabisch te komen. De Arabieren gebruikte de chorbet, een ijskoude sterke drank, aan kuiltjesgraver, namelijk om de eetlust weer op te wekken tussen de gangen van de maaltijd door. Heel wat beschaafder dan een pauwenveer!! Italianen namen het gebruik over. Ze gebruikten wijn gekoeld met sneeuw (een sorbetto). De huidige sorbet is echter bepaald geen decadente ,»kuiltjesgraver" meer maar eerder een decadente "maagvuller.”...