Vensterglas

Misschien is het grootste nadeel van het venster dat elk vlekje hinderlijk zichtbaar is.. Met zeemleer moeten de vensters steeds opnieuw gelapt worden. .Weliswaar heet het glazenwasserswerk een typisch nationale deugd te zijn, doch niet iedereen is ingenomen met het karwei. Mijn verhaal van deze week zal eventuele afkeer van de (vervuilde) vensters echter in grote waardering omzetten. oorspronkelijk betekende het woord ,,venster'' alleen luik. De middeleeuwse vensters bestonden namelijk slechts uit een gat in de muur, afsluitbaar met een houten luik. Geen glas dus! Door het sluiten van het venster werden regen en wind weliswaar geweerd, maar ook het daglicht werd zo buitengesloten. Gedurende de vele gure da gen zou dit betekenen dat er voortdurend kunstlicht moest branden. Om dat te voorkomen werden in de muren spleten aangebracht, smal van buiten en breed uitlopend naar binnen. Door deze verticale ,,brievenbussleuven' , vaak ten on rechte schietgaten genoemd, viel het licht naar binnen en kon men bovendien zo nu en dan eens naar buiten kijken.

Het ruitloze venster zorgde voor nog meer problemen. Om ongenode gasten buiten te houden, moesten voor de ramen gietijzeren staven worden aangebracht. Dit traliewerk werd toepasselijk diefijzer genoemd. En om inkijk te voorkomen werd bovendien een soort hor van houten latjes in het venster geplaatst. , Begrijpelijkerwijs hebben onze voorouders steeds gezocht naar een manier om het venster op zodanige wijze af te sluiten dat wel het licht maar niet de koude binnen kon komen. Drie materialen waren heel populair als afdichting: perkament, varkensblaas (!) en in olie gedrenkt linnen. Ook aan glas werd gedacht. Het om “gesmolten zand" geheim tot glas te verwerken was reeds rond 3000 v de jaartelling. bekend. Maar in West-Europa verstond men niet de kunst om grote glasoppervlakten te vervaardigen. Wel leerde men om met een blaaspijp ronde plakken glas te maken. Op deze wijze ontstonden een soort flessebodems. Deze schijven werden in lood gevat en konden zo als glas-inloot een raam vormen. Omdat het erg duur was, werd aanvankelijk alleen het bovenste gedeelte van het venster van glas voorzien. In de loop der eeuwen werd de productie van glas verbeterd. Het werd goedkoper en bovendien konden grotere egale oppervlakten gefabriceerd worden. Zo ontstond in de zestiende eeuw een groot aantal vierkante raampjes met, in plaats van lood, houten kozijnen. Doordat de glasplaten steeds groter konden worden, werd het aantal vierkantjes steeds kleiner, totdat sinds kort de enorme panorama-ruiten zijn aangebracht in nieuwbouwwoning . Daar zetten velen nu een houten hekwerk tegen om aldus de indruk van een gezelligouderwets raam te wekken...

Maar gezellig of ongezellig, vuil of gezeemd, een glazen venster maakt het wonen in ieder geval veel aangenamer.