Wolven in de oude landschap

“Wanneer de Regering onderricht wordt, dat zich een wolf binnen de landschap ophoud, wordt een algemeene jacht afgekondigt, waarbij aan verscheidene dorpen en gehuchten wordt bevolen om op een zekeren bepaalden dag en uur, met schietgeweer, spiezen hooivorken, gieppen en ander tuig gewapend, en met trommelen voorzien, behoorlijk verdeeld, naar een Heidenveld, alwaar, tot een kenteken, een paal is opgerigt, op te trekken, in midd’lerwijl de stuwellen en bosschen te doorzoeken en af te jagen.

Hierdoor gebeurt het, dat op zekere hoogte, de jagende karspelen aan elkander sluiten, en eindelijk een uitgestrekte kring formeren, welke kring onder het optrekken hoe langer hoe kleinder en verdubbeld wordt, en waarvan de opgerigte paal het middelpunt is. Ingeval de wolf opgejaagt is, en zich in de kring bevind, wordt dezelve gemeenlijk geschoten

Die zo gelukkig is van het dier te treffen brengt het naar zijn woonplaats en hangt het aan een paal ten toon; en deze triumph is het loon, hetgeen hij er voor ontfangt.
Gedurende dezen wolvenjacht is het volstrekt verboden, eenig ander wild te dooden.”

Drentse Volksalmanak 1931. Pagina 104.